De schrijver - Alexandr Poesjkin
Alexandr Poesjkin (1799 - 1837) wordt algemeen beschouwd als de grootste Russische dichter. Hij werd geboren in Moskou, als telg van een oud adellijk geslacht. In 1811 werd hij leerling van het keizerlijk lyceum, dat gevestigd was in een vleugel van het Zomerpaleis in de buurt van de toenmalige hoofdstad Sint-Petersburg. Na het eindexamen trad hij in staatsdienst, maar werd in 1820 door tsaar Alexander I (1801 - 1825) vanwege zijn opruiende verzen verbannen naar Moldavië en vervolgens naar Odessa. Hier kwam hij in conflict met de gouverneur-generaal, wiens vrouw hij het hof maakte, en in 1824 werd hij opnieuw overgeplaatst, ditmaal naar het landgoed van zijn moeder in de regio Pskov, niet ver van de grens met Estland.
Op 14 december werd een poging tot revolutie, waarbij vele vrienden van Poesjkin betrokken waren, bloedig neergeslagen, en kwam Nicolaas I (1825 - 1855) op de troon. Poesjkin werd teruggeroepen naar de hoofdstad en kwam onder persoonlijk toezicht van de tsaar.
In 1831 trouwde hij met de achttienjarige, beeldschone Natalja Gontsjarova. Zes jaar later werd hij in een duel gedood door de maintené van de Nederlandse gezant in Sint-Petersburg. Poesjkin heeft ondanks zijn korte leven een groot oeuvre nagelaten. Zijn lyriek omvat bijna zevenhonderd gedichten. Zijn magnum opus, de roman in verzen Jevgeni Onegin, ontstond tussen 1823 en 1830. In 1820 publiceerde hij zijn eerste novelle in verzen, Roeslan en Ljoedmila, die hem nationale roem bezorgde; zijn belangrijkste novelle in verzen, De Bronzen Ruiter, dateert van 1833. Daarnaast schreef hij drama's en sprookjes, en legde hij de basis voor het Russische proza dat Europa vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw veroverde.
De vertaler - Hans Boland
Hans Boland (1951), slavist, promoveerde op poëzie van Achmatova, die hij tevens in het Nederlands vertaalde. Daarnaast vertaalde hij poëzie van Goemiljov en Rijn en Lermontovs novelle De held van onze tijd. Boland woonde van 1992 tot 1996 in Sint-Petersburg, waar hij als docent aan de universiteit verbonden was.
VERZAMELD WERK
Ter gelegenheid van het Poesjkinjaar (1999) heeft Papieren Tijger in nauw overleg met Hans Boland besloten om het volledige oeuvre van Alexandr Poesjkin te vertalen en uit te geven. De serie zal gaan bestaan uit 9 gebonden delen.
WERELDPRIMEUR
Met het verschijnen van deel 4 is het voor het eerst dat de complete lyriek van Poesjkin in het Nederlands is vertaald. De enige andere taal die daar tot nog toe op kan bogen is het Engels; voor de Engelse vertaling zijn echter zesenveertig vertalers ingeschakeld, zodat Bolands soloprestatie met recht een wereldprimeur mag worden genoemd.
“Hans Boland heeft ons een kraakheldere en springlevende Poesjkin gegeven; zijn vertaling van het Verzameld Werk is een triomf.”
- Tommy Wieringa
Poesjkin heeft ondanks zijn korte leven een groot oeuvre nagelaten. Zijn lyriek omvat ruim achthonderd gedichten en hij schreef een aantal ‘novellen in verzen’ die tot de hoogtepunten van de Russische literatuur worden gerekend. Daarnaast is hij de auteur van een klein maar briljant corpus toneelwerken – zijn Boris Godoenov inspireerde Moesorgski tot diens grootse opera – en van een aantal wondermooie sprookjes. Zijn magnum opus, Jevgeni Onegin (bij ons nog altijd beter bekend in de fenomenale operabewerking van Tsjaikovski), ontstond tussen 1823 en 1831.
Poesjkins had het vaak over ‘het nederig proza’. Hij stierf te jong om op dit terrein veel te produceren – hoewel we het altijd nog hebben over ongeveer vijfhonderd manuscriptpagina’s fictie en drie keer zoveel non-fictie, naast zo’n achthonderd brieven – maar wát hij naliet zou voor al zijn grote landgenoten, van Gogol tot Tsjechov, het stilistisch ijkpunt bij uitstek worden.
ISBN 9789067282796
NUR 302
592 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 42,50 Bestellen
Russisch ten voeten uit: gruwel, humor, mededogen
door Sana Valiulina
De Groene Amsterdammer
7 februari 2013
... Dit unieke project is gestart in 1999 bij de kleine uitgeverij Papieren tijger. Sindsdien komt er met de regelmaat van de klok een nieuwe bundel uit die aan het Nederlandse publiek steeds andere en even verrassende facetten laat zien van Poesjkins genie. Dit allemaal dankzij de werklust, discipline, toewijding en het meesterschap van Hans Boland, gesteund door het Letterenfonds. Als straks ook vertalers in navolging van podiumkunstenaars hun ‘social value’ moeten gaan bewijzen, dan hoeft Hans Boland niets te vrezen. Wat kan een mooiere en nuttiger besteding zijn van gemeenschapsgeld – een schijntje overigens vergeleken bij wat de semi-publieke en andere bovenbazen spenderen aan hun megalomane en maatschappij ontwrichtende projecten – dan de samenleving beschaving, reflectie en historisch besef bij te brengen, zonder welke elk volk gedoemd is slechts zijn eigen reflexen na te jagen.
Aritikel uit De Leeswolf, nummer 3 2013
te lezen op de website en met een illustratie van Pieter Boulogne
[...]
Het zevende deel van het Verzameld werk van Alexandr Poesjkin, waarmee uitgeverij Papieren Tijger de prestigieuze reeks ‘De Russische bibliotheek’ van Van Oorschot de loef afsteekt, omvat een gloednieuwe vertaling van al diens prozawerken.
[...]
Dat dit boek een brandend actuele indruk maakt, heeft in belangrijke mate te maken met de vertaalstrategie die Hans Boland erop heeft toegepast. In slavistenmiddens is al eens gefluisterd dat deze vertaler, die met zijn legendarische Duivels van Dostojevski in 2009 de Filter Vertaalprijs wegkaapte, Russische bronteksten soms leuker maakt dan ze eigenlijk zijn. Een vergelijking met de originele teksten aan de hand van steekproeven toont inderdaad aan dat de eerste bekommernis van Boland niet uitgaat naar denotatieve equivalentie: bij wijlen vertaalt hij nogal vrij wat er staat. Twee kloven zijn versmald: die tussen de Russische cultuur en de onze, en die tussen de vroege negentiende eeuw en deze tijd. Om die reden leest deze vertaling vlotter dan die van Hans Leerink, uitgegeven bij Van Oorschot. Waar de laatstgenoemde schrijft ‘Uit dat huwelijk sprongen negen kinderen voort. Al mijn broers en zusters zijn heel jong gestorven’, lezen we bij Boland ‘Ze kregen negen kinderen; mijn broertjes en zusjes stierven allemaal kort na de geboorte’. Die diminutieven ‘broertjes en zusjes’ staan niet in de originele tekst van Poesjkin. In dezelfde geest krijgt het personage dat bij Van Oorschot een ‘smeerlap’ werd genoemd, bij Papieren Tijger ‘klootzak’ op zijn bord. Boland gaat nog verder dan dat. Zo schrijft hij ‘De vrouw kan haar minnaar onder ede laten verklaren dat hij zich the day after een kogel door het hoofd schiet’, terwijl de brontekst gewoon ‘de volgende dag’ vermeldt, in standaard-Russisch. Bovendien beschouwt Boland de Russische vadersnamen (‘Iwan Petrowitsj Bjelkin’) als overbodige ballast, die hij er dan ook systematisch uitkiepert (‘Ivan Bjelkin’).
Alle mooie meisjes heten Masja, in de baldadige verhalen van Poesjkin
door Maria Barnas, De Volkskrant, 23-03-2013
Alexandr Poesjkin (1799-1837) is een meester van de tegenstelling. Hij schrijft de meest romantische verhalen en verwijt zijn eigen personages, wanneer ze verliefd zijn, dat ze te veel Franse romannetjes hebben gelezen.
De romans, verhalen en fragmenten in deel 7 van zijn verzameld werk, in de nieuwe vertaling van Hans Boland, bieden toegang tot een baldadige geest die zich aan vormen en regels wil onttrekken maar zich gevangen weet in een maatschappelijke rol.
Dit 400 pagina's tellende boek is niet als geheel gecomponeerd. Toch vormt het een structuur waarin verhaallijnen ontstaan. Zo kan het gebeuren dat in de meest uiteenlopende verhalen alle mooie meisjes Masja heten. Kon Poesjkin aan niemand anders denken?
Ook buurmannen spelen een belangrijke rol. Het toeval dat levens bijeendrijft, is bij Poesjkin van de meest groteske soort. De auteur lijkt er soms zelf door uit het veld geslagen, gezien een zin als: 'Laat mij met uw permissie de verrassende wending in ons verhaal toelichten.' In De sneeuwstorm blijkt de jongeman die naast Masja is komen wonen heel toevallig precies die verdwaasde jongeling die ooit een vrouw trouwde die hij niet kende... en die Masja blijkt te zijn.
Het is alsof Poesjkin zich tijdens het schrijven aan zijn verhalen heeft willen onttrekken. Laag voor laag lijkt de schrijver zich verder uit zijn werk los te weken. Poesjkin speelt en worstelt met de vraag in welke hoedanigheid hij als schrijver in zijn eigen verhalen aanwezig is en hoe hij als individu in de wereld staat.
Alle ontsnappingspogingen ten spijt is elke koets en elke knol, iedere Masja en iedere Kozak, elk paleis en elke datsja van de balsturige geest van Alexandr Poesjkin doordrongen.
'Goed gedaan Poesjkin, goed gedaan, jij hoerenzoon!'
recensie de Volkskrant
3 december 2011
door Sjeng Scheijen
"Boris Godoenov, opnieuw vertaald door Hans Boland, was Poesjkins ultieme gooi naar de roem.
Ooit waren Nederlanders trots op hun vertaalcultuur, is dat nog steeds zo? Zijn er jonge vertalers die ons door hun vertalingen introduceren in moderne Italiaanse, Franse of voor mijn part Servo-kroatische poëzie? Ze lijken me onzichtbaar.
Hans Boland is de meest extreme variant van de oude soort: een vertaler die het op zich neemt een heel oeuvre van een enkele schrijver volledig in het Nederlands te vertalen. Hij is inmiddels aangekomen bij het zesde deel van wat uiteindelijk een negendelige reeks moet worden met de verzamelde werken van Alexander Poesjkin (1799-1837).
[...]
Poesjkin wordt vaak voorgesteld als een criticus van het tsaristische regime, een liberaal, een vriend van het Westen. Wie dat simpele idee graag complex wil maken, moet zijn tragedie Boris Godoenov lezen. Misschien was Poesjkin een halve liberaal, maar dat betekent zeker niet dat hij een democraat in de moderne zin van het woord was. Boris Godoenov (in 1874 door de componist Moesorgski bewerkt tot de gelijknamige, grootse opera) was Poesjkins meest ambitieuze literaire werkstuk tot dan toe, een poging om zichzelf naast Shakespeare en Schiller te plaatsen. Het verhaal over tsaar Boris is ook een politieke getuigenis. In zijn definitieve versie althans wil het een legitimatie zijn van de Romanov-dynastie, en daarmee eigenlijk van het hele idee van erfopvolging van monarchen."
Verzameld werk Alexandr Poesjkin deel 6
Vertaald door Hans Boland
Tot Poesjkins toneelwerk behoren: - Boris Godoenov. Als koningsdrama al bijna twee eeuwen lang het absolute hoogtepunt van de Russische toneelliteratuur. Met Jevgeni Onegin en De Bronzen Ruiter beschouwd als het belangrijkste dat Poesjkin heeft nagelaten. Getoonzet door Modest Moesorgski en als zodanig een mijlpaal in de Europese geschiedenis van de opera. - Vier Kleine tragediën. Poesjkin op zijn best: flitsend, origineel in uitgangspunt en visie, volstrekt modern. Mede dankzij de bedrieglijke vanzelfsprekendheid van zijn toon en zijn ‘laconieke’ stijl geldt Poesjkin als de geestelijke tweelingbroer van Mozart. Dat twee van deze stukken zijn geïnspireerd door een Mozart-thema, maakt ze extra fascinerend.
Tot Poesjkins sprookjes behoren het absurdistische relaas van een pope aan wie de duivel belastingplichtig is; het weidse, klassiek-aandoende lied van tsaar Saltaan en zijn heldenzoon en akelige schoonzusters; het pseudo-volkssprookje van een nederige visser en zijn domme vrouwtje; een Russische of liever: poesjkiniaanse variant van ‘Sneeuwwitje’; en een tamelijk macaber sprookje over een luie koning die in het verderf wordt gestort door een castraat en een spookprinses. Russische kinderen worden nog altijd opgevoed met deze sprookjes, en veel Russen houden het meest van Poesjkin om zijn sprookjes.
ISBN 9789067282635
NUR 304
364 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 38,00 Bestellen
NBD|Biblion door Willem G. Weststeijn
Zesde deel van het door Hans Boland vertaalde Verzameld Werk van de grote Russische dichter Aleksander Poesjkin (1799-1837), dat in totaal negen delen zal tellen. Met dit deel heeft de vertaler het moeilijkste deel van zijn unieke project achter de rug: na de volledige poëzie en berijmde sprookjes resten hem alleen nog proza en brieven. 'Drama en sprookjes' bevat Poesjkins bekende historische toneelstuk 'Boris Godoenov' en een reeks kortere stukken, waaronder 'De stenen gast' (over Don Juan), 'Ridder Schraalhans' en 'Mozart en Salieri'. Van de vijf sprookjes (korte regels en op rijm) is dat van tsaar Saltaan het bekendste. Bijna alle teksten zijn al eens eerder in het Nederlands vertaald, maar Boland maakt zijn eigen versies, zonder daarbij te leunen op voorgangers (zoals Aleida Schot en Charles B. Timmer). Het gebeurt hoogst zelden dat het complete oeuvre van een buitenlandse dichter in het Nederlands beschikbaar komt. Dankzij dit project zal ook de Nederlandse lezer overtuigd raken van Poesjkins onmiskenbare grootheid.
RusPrix Award 2010 11-06-2010
Hans Boland bekroond met RusPrix Award 2010 voor zijn persoonlijke bijdrage aan de ontwikkeling van de Nederlands-Russische culturele betrekkingen op het gebied van de literatuur
Wat zou van al die grote boeken
Die Ruslands glorie zijn en vroeg
Of laat, mits je succes wilt boeken,
Gelezen moeten worden – vroeg
Reeds menigeen zich af – in wezen
Het allergoddelijkste wezen?
Van niets word je zo koud en heet
Als van Misdaad en straf. Wat heet! Oorlog en vrede: niets is echter
En realistischer. Je bent
Als Ruslands literaire bent
Gewogen wordt niet jarig. Echter Onegin is toch zonder meer
Hét nimmer leeg te drinken meer.
Hans Boland
Poesjkin heeft ondanks zijn korte leven een groot oeuvre nagelaten. Zijn lyriek omvat bijna duizend gedichten en hij schreef een aantal ‘novellen in verzen’ die tot de hoogtepunten van de Russische literatuur worden gerekend.
Daarnaast is hij de auteur van een klein maar briljant corpus toneelwerken – zijn Boris Godoenov inspireerde Moesorgski tot diens grootse opera – en van een aantal wondermooie sprookjes.
Bovendien schreef hij zowel fictioneel als beschouwend proza, dat het stilistisch ijkpunt zou worden voor al zijn grote landgenoten, van Gogol tot Tsjechov. Zijn magnum opus, Jevgeni Onegin (bij ons nog altijd beter bekend in de fenomenale operabewerking van Tsjaikovski), ontstond tussen 1823 en 1831.
ISBN 9789067282437
NUR 302
244 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 35,00 Bestellen
NBD|Biblion recensie
Na de vertalingen van Elsa Catz (Kroonder, Bussum, 1949), Jonker (Van Oorschot, Amsterdam, 1989), Stekelenburg en Van Agt (Atlas, Amsterdam 1994) en Lambrecht (Benerus, Antwerpen, 1995) is dit de vijfde keer dat Aleksander Poesjkins beroemde roman in verzen Jevgeni Onegin (1825-33) integraal en berijmd in het Nederlands is vertaald. Het verhaal is eenvoudig. Een blase Petersburgse jonge edelman reist naar zijn landgoed. Een meisje van een naburig landgoed wordt verliefd op hem, maar hij versmaadt haar liefde. Jaren later ontmoet hij haar weer en wordt nu verliefd op haar. Ze is echter inmiddels getrouwd met een generaal en wijst hem af. De manier waarop Poesjkin zijn verhaal vertelt, zowel ironisch als ernstig en met talloze uitweidingen, is ongeevenaard, Jevgeni Onegin bevat een hele encyclopedie van het Russische leven. Bolands vertaling is lichtvoetig en leest heel gemakkelijk. Een fraai deel (het vijfde) in zijn vertaling van Poesjkins gehele oeuvre.
- Willem G. Weststeijn
De Mozart van Poesjkin
Tweetalige uitgave De stenen gast en Mozart en Salieri
vertaald door Hans Boland
De stenen gast is gebaseerd op de oude Spaanse legende van Don Juan, die onder andere was gebruikt door Mozart in diens opera 'Don Giovanni'.
In Mozart en Salieri gaat Poesjkin uit van het hardnekkige gerucht dat Mozart uit afgunst vermoord werd door de rivaliserende componist Antonio Salieri.
ISBN 978-90-6728-200-0
109 pagina's
EUR 14,00 Bestellen
Late lyriek
Verzameld werk Alexandr Poesjkin
deel 4
Vertaald door Hans Boland
Poesjkin is niet rechtstreeks betrokken bij de mislukte opstand tegen de Romanov-tsaren in december 1825. Hij wordt dan ook negen maanden later door de nieuwe tsaar, Nicolaas I, ontlast van de status van politiek balling die hem in 1820 is opgelegd. Het eerste gedicht dat hij als vrij man schrijft is De profeet, een weerslag van de nieuwe status die hij zijn dichterschap toekent na de rampzalig verlopen revolte. Tot aan zijn dood zal hij keer op keer in zijn werk terugkomen op de veranderde situatie, en met name onvermoeid maar vergeefs - pogingen doen om de tsaar tot clementie jegens de opstandelingen te bewegen.
Van zijn drie oude schoolvrienden zijn er twee vanwege hun deelname aan de rebellie naar Siberië verbannen; de derde sterft in 1831. Datzelfde jaar trouwt Poesjkin met het mooiste meisje van het land, Natalja Gontsjarova, met wie hij vier kinderen zal krijgen. Hij wordt gedwongen een vervelend baantje aan het hof te accepteren, zijn financiën zijn weinig rooskleurig, en zijn werk, waarmee hij zijn tijd ver vooruit is, stuit op groeiend onbegrip.
Inmiddels dreigt de homoseksuele Nederlandse gezant in Rusland - koning Willem I is de schoonvader van een zuster van de tsaar - in een schandaal verwikkeld te raken in verband met zijn zogenaamde Franse adoptiefzoon. Om de publieke aandacht af te leiden begint de laatste Poesjkins vrouw het hof te maken. Uiteindelijk is de dichter gedwongen de Fransman voor een duel uit te dagen, en wordt daarbij dodelijk getroffen. Op 29 januari 1837 blaast hij zijn laatste adem uit.
ISBN 9789067282031
482 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 40,00 Bestellen
Lyriek in ballingschap
Verzameld werk Alexandr Poesjkin
deel 3
Vertaald door Hans Boland
Op 6 mei 1820, drie weken voor zijn eenentwintigste verjaardag, verlaat de veelbelovende dichter, tevens enfant terrible, Alexandr Poesjkin de Russische hoofdstad Sint-Petersburg, waar hij bijna drie jaar heeft 'gelanterfant'. Zijn vertrek is gelast door tsaar Alexander I, wiens woede is gewekt door gedichten als Vrijheid (opgenomen in VW 2, p.294). Van nu af aan zal de dichter in het centrum van de nationale aandacht staan.
Op weg naar zijn plaats van bestemming ontmoet hij de nationale held generaal Rajevski, die met zijn gezin op weg is voor een vakantie op de Krim en in de Kaukasus. Poesjkin mag mee, en hij zal zich de reis herinneren als een van de meest onbewolkte perioden van zijn leven.
Op 21 september bereikt hij zijn officiële ballingsoord Chisinau (Kisjinjov), de hoofdstad van Bessarabië (Moldavië) en een broeinest van politiek activisten. Hier niet ver vandaan - 'niet ver' naar Russische maatstaven - sleet Ovidius op last van keizer Augustus zijn laatste levensjaren als balling, waar Poesjkin vanzelfsprekend een identificatiemotief in ziet.
Na bijna drie jaar wordt de dichter overgeplaatst naar Odessa, een jonge havenstad met een kosmopolitische bevolking en een actief sociaal leven. Poesjkin krijgt iets met de vrouw van de gouverneur-generaal en wordt in de herfst van 1824 doorgestuurd naar Michailovskoje, een landgoed van de Poesjkins in de noordelijke provincie Pskov. Hier heeft de dichter alle gelegenheid om veel te lezen en te schrijven, en hij is er altijd welkom bij zijn buurvrouw en haar dochters, stiefdochters en nichtjes. In september 1826 maakt de nieuwe tsaar - Nicolaas I, aan de macht sinds de mislukte revolutiepoging van 14 december 1825 - een eind aan Poesjkins ballingschap.
"Dankzij Hans Boland klinkt de stem van Poesjkin steeds helderder en vertrouwder. Nu verbaast het ook niet meer dat deze gedichten zo lang hebben gewacht op hun Nederlandse vertaler. Poesjkins altijd jeugdige zwier, brutaliteit en hartstocht vragen van een vertaler precies de bravoure die de dichter zo dierbaar maakt. En de verstechniek. Dat in de hoogtijdagen van de Europese Romantiek een jonge Russische aristocraat zó lichtvoetig en ongedwongen was, in zulke ontwapenend directe gedichten; het is een verrijking waar ook de Nederlandse literatuur - nu, eindelijk - Hans Boland dankbaar voor kan en moet zijn."
- René Puthaar
Lees een voorpublicatie van enkele gedichten uit Lyriek in Ballingschap:
Brief aan de censor en Tsaar Nikita en zijn veertig dochters.
ISBN 9789067281652
361 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 32,50 Bestellen
Vroege lyriek
Verzameld werk Alexandr Poesjkin
deel 2
Vertaald door Hans Boland
Dit eerste van drie delen met de volledig verzamelde lyriek van Alexandr Poesjkin bestrijkt de eerste Petersburgse periode van de dichter.
In zekere zin treedt het fenomeen Poesjkin nergens zo direct en zo duidelijk aan de dag als juist in zijn jeugdwerk. De onderwerpen, situaties, stijlfiguren en ideeën van deze eerste gedichten zijn wel niet bijzonder origineel - Poesjkin lijkt voortdurend in gesprek met bekende en minder bekende voorgangers en tijdgenoten, op wie hij reageert, tegen wie hij zich afzet of bij wie hij zich aansluit - maar de volstrekt aparte klasse van het wonderkind is onmiskenbaar.
Meer dan in zijn latere werk experimenteert Poesjkin op school met bijzondere metrische structuren en flitsende rijmen. De thematische en stilistische verscheidenheid van zijn vroege lyriek is nauwelijks minder ruim dan in zijn latere werk: elegisch dan wel retorisch, provocatief dan wel traditionalistisch, vulgair dan wel hoogstaand.
In het - natuurlijk - integreren van meerdere van deze ogenschijnlijk tegenstrijdige aspecten binnen één gedicht is Poesjkin, althans binnen de Russische literatuur, nooit meer overtroffen.
ISBN 9789067281096
425 pagina's
gebonden boek, met linnen- en stofomslag
EUR 29,50 Bestellen